Bedrijven in de varkenshouderij moeten veel meer de samenwerking met maatschappelijke organisaties opzoeken.
Dat zei directeur Antoon van den Berg van Hendrix Genetics op het European Pig Producers Congress in Eindhoven.
Ook pleit Van den Berg voor het gebruik van een nieuw jargon. Als voorbeeld noemt hij de ‘Buy Britain’-campagne in Engeland. Britten werden met hulp van de organisaties gewezen op de voordelen die Britse voeding heeft oplevert voor dier en klimaat.
De sector moet volgens Van den Berg deze organisaties als een partner zien om de bedrijfsvoering verder te verbeteren. ”Als je ze meekrijgt, verkopen ze in feite je product. Zij spreken de taal die het publiek spreekt, en zijn daarom voor de detailhandel een factor om rekening mee te houden.” De sector verzandt in technische taal, oordeelt de topman. ”Spreek niet langer over een lagere voerconversie, spreek over een kleinere CO2-voetadruk.” Directeur Bert-Jan Ruumpol van ForFarmers kan zich maar deels in het pleidooi vinden. “Tot op een zeker niveau praten, kan geen kwaad, maar uiteindelijk blijven ze een potentieel probleem voor de sector.”
Een Engelse varkenshouder waarschuwt. ”We hebben mooie resultaten gehaald. Feit blijft dat 75 procent van de mensen met een mes wacht tot de boer zich omdraait. Ze willen uiteindelijk de vleessector afmaken.”
”Als je bij voorbaat iemand als een vijand ziet, kan niks tot stand komen”, meent Van den Berg. Gerald Behrens van farmaceutisch concern Boehringer Ingelheim: ”Het is geen discussie, er is geen andere weg.”
Bron: Agrarisch Dagblad auteur: Sake Moesker